Arrestatiebevelen Karadzic en Mladic
Door een onzer redacteuren
DEN HAAG, 12 JULI. Het VN-tribunaal voor oorlogsmisdaden heeft gisteren
internationale arrestatiebevelen uitgevaardigd tegen de
Bosnisch-Servische leiders Radovan Karadzic en Ratko Mladic. De rechters
van het tribunaal willen bovendien een onderzoek naar de vraag hoe en in
welke mate de Servische regering van Slobodan Milosevic steun heeft
gegeven aan de etnische zuiveringen van de Bosnische Servieuml;rs. Het
tribunaal heeft gisteren Joegoslavieuml; verweten geen medewerking te
verlenen aan de opsporing van oorlogsmisdadigers en heeft de
Veiligheidsraad van de VN op de hoogte gebracht van het besluit van
gisteren.
De arrestatiebevelen zijn door de Bosnische Servieuml;rs ontvangen met
de opmerking dat ze ,,de vrede in gevaar brengen''. Elders overheerst
tevredenheid.
Gisteren ontstond grote verwarring toen in een persbericht van het
tribunaal stond dat de rechters een onderzoek naar de Servische leider
Milosevic verlangden. Later verscheen een nieuw persbericht waarin de
naam van Milosevic ontbrak. Volgens woordvoerder Chartier stond zijn
naam wel in de versie van het besluit van de rechters waarover hij
beschikte, maar is op het laatste moment besloten de naam van de
Servische president niet uit te spreken.
 In het oorspronkelijke bericht stond: ,,Sommige feiten suggereren dat
er een plan bestond om een nieuwe staat te bouwen via de weg van geweld,
dat op het hoogste Servische politieke en militaire niveau was bedacht.
In september 1991 zijn er communicatielijnen onthuld tussen Radovan
Karadzic en Slobodan Milosevic, waarin de laatste de Bosnisch-Servische
leider opdracht gaf de verdeling van wapens op zich te nemen met het oog
op de uitvoering van dit plan.'' In het latere bericht staat dat de
rechters om een onderzoek vragen naar de ,,verantwoordelijkheid voor
besluitvorming op hetzelfde niveau of hoger''. Met dat 'hogere niveau'
wordt overigens nog wel degelijk Slobodan Milosevic bedoeld.
Rechtbankpresident Cassese lichtte vanochtend deze passage toe met de
opmerking dat ze kan slaan op ,,een minister van Defensie of een
leidende politicus''. Ook Cassese noemde Milosevic niet bij naam.
De rechters geven in het besluit aan dat veel van de misdaden die zijn
gepleegd in Bosnieuml; door de Bosnische Servi&euml;rs niet zonder
instemming van de leiders in Belgrado gepleegd kunnen zijn. Met name de
executie van duizenden moslims na de val van de enclave Srebrenica zou
door de regering in Belgrado moeten zijn goedgekeurd. Getuigen hebben
bij de executies verscheidene malen Joegoslavische officieren gezien.
Verder staat vast dat de Bosnische Servieuml;rs zich v&oacute;&oacute;r
hun slotaanval op het vlak bij de Servische grens gelegen Srebrenica
vanuit Servieuml; militair hebben kunnen versterken.
