Geen keuze bij  de OV-studentenkaart
Door onze redactie onderwijs
DEN HAAG, 27 JUNI. Het kabinet legt de wens van de Kamer om de
bestaande OV-kaart voor studenten te handhaven naast zich neer. Mogelijk
zal bij de formatie van een volgend kabinet de wens van de Kamer alsnog
worden gehonoreerd. Dit bleek vannacht aan het eind van een lange
laatste vergaderdag voor het zomerreces van de Kamer. De Kamer sprak
zich in meerderheid uit voor handhaving van de OV-studentenjaarkaart,
inclusief de vrijheid voor studenten om te kiezen voor een weekkaart of
een weekeindkaart. In een principe-akkoord met de
openbaar-vervoerbedrijven dat minister Ritzen (Onderwijs) vorige week
heeft gesloten is om financieuml;le redenen die keuzemogelijkheid
vervallen. Thuiswonende studenten krijgen vanaf 1 januari 1999 een kaart
die door de week geldig is, studenten die op kamers wonen mogen alleen
in het weekeinde gratis reizen.
Handhaving van de keuzemogelijkheid zou op basis van de
principe-overeenkomst 90 miljoen gulden extra hebben gekost. Ritzen en
zijn collega Zalm verklaarden dat het kabinet de moties hierover niet
zal uitvoeren.
Ritzen hield de Kamer voor dat het kabinet ,,zijn eigen afwegingen
maakt''. Hij zei dat de uitbreiding van de kaart wel geregeld kan worden
bij de formatie van een nieuw kabinet. Die mogelijkheid is ook voorzien
in het nieuwe OV-contract. Daarop diende het Kamerlid Rabbae
(Groenlinks) een motie van afkeuring in over de opstelling van Ritzen.
Deze motie, gesteund door alle oppositiepartijen, werd verworpen. De
Kamer keerde zich ook tegen een motie van de VVD die de hele
overeenkomst die Ritzen had gesloten verwierp. De VVD is in beginsel
tegen de OV-kaart, omdat het 'gedwongen winkelnering' zou zijn. Volgens
de liberalen moeten de studenten zelf kunnen beslissen wat zij met hun
geld doen en mag niet zomaar een deel van hun studiebeurs voor een
openbaar-vervoerkaart worden aangewend.
De motie over de negentig miljoen gulden extra was dinsdag al ingediend
tijdens een debat over de zogenoemde Voorjaarsnota, een nota over de
lopende begroting. Daarom was het minister Zalm die na aanvaarding van
de motie door de Kamer werd gevraagd of hij haar zou uitvoeren. Toen
zijn antwoord gedeeltelijk onverstaanbaar was door een storing van de
microfoons, vroeg De Hoop Scheffer (CDA) of hij het kon herhalen. Daarop
hield de minister zijn handen als een toeter voor de mond en riep: ,,Wij
voeren hem niet uit!'' Zeven ministers en drie staatssecretarissen lagen
dubbel van het lachen.
De politieke spanning rond de opstelling van de VVD, die zich eerder
onvermurwbaar had getoond in haar verzet tegen de nieuwe OV-kaart, was
in de loop van de avond weggeeuml;bd.
De indiener van de motie, M. de Vries (VVD), gaf aan dat zij zich er bij
zou neerleggen als het kabinet zou weigeren de motie uit te voeren. Haar
fractievoorzitter Bolkestein zei: ,,Ik kan wel om het hoofd van minister
Ritzen vragen, maar dat wil ik helemaal niet. En trouwens, ik zou het
niet krijgen ook.''
PvdA en D66 verwachten dat er pas in de formatie duidelijkheid komt over
de vraag of studenten de vrijheid houden om te kiezen voor een weekkaart
of een weekendkaart. De principe-overeenkomst met de
openbaar-vervoerbedrijven biedt de mogelijkheid hier nog over te
onderhandelen. Het nieuwe contract loopt van 1 januari 1999 tot en met
31 december 2002 en verplicht thuiswonende studenten tot een weekkaart
en thuiswonende studenten tot een weekendkaart. Het contract kan echter
met een keuzemogelijkheid worden uitgebreid mits er 90 miljoen gulden
per jaar extra beschikbaar komt en die beslissing voor 1 augustus 1998
(drie maanden na de verkiezingen) wordt genomen. De Kamer kan dan ook
gebruik maken van een rapport over de toekomst van de
studiefinanciering. Een commissie onder leiding van de commisssaris van
de koningin in Friesland. L. Hermans, zal daarover in oktober adviseren.
Afgezien van de VVD zagen Kamerleden van zeer diverse pluimage drie
hoofdbezwaren in het voorstel van Ritzen. Het is financieel ondoenlijk
een stage te volgen als een student niet kan kiezen voor een weekkaart.
Maar de minister antwoordde dat hij werkgevers niet wilde
subsidieuml;ren met reiskostenvergoedingen. Ten tweede is er het
probleem van de hoge kamerhuren. Met een weekkaart kun
je wat verder weg wonen van school of universiteit, op een plek waar de
huren niet zo hoog zijn. De minister stelde hier tegenover dat studenten
kunnen anticiperen op het nieuwe regime. En ten derde: studenten willen
ook (bij)vakken en colleges kunnen lopen aan andere universiteiten en
ook dat kan niet zonder hoge, extra, kosten voor diegenen die een
(verplichte) weekendkaart hebben. Hier wees de minister op de eigen
verantwoordelijkheid van de student en hij gaf aan dat er op dat punt
van de overheid niets te verwachten valt. Het huidige contract kost
Ritzen 810 miljoen gulden. Voor het nieuwe contract, dat geldt voor
circa 525.000 studenten, wilde hij aanvankelijk niet meer dan 400
miljoen uitgeven, zoals is afgesproken in het paarse regeerakkoord. Dat
is opgelopen tot in totaal 570 miljoen gulden. In de loop van de
onderhandelingen is het kabinet Ritzen te hulp geschoten met 100 miljoen
gulden extra. De minister heeft daaraan zelf nog 70 miljoen gulden
toegevoegd van zijn eigen begroting. Een dekking moet hij daarvoor nog
zien te vinden.
