


Bijeen in Lissabon





EENS WAS DE Conferentie over Veiligheid en Samenwerking in Europa de
enige formele continue gesprekslijn tussen Oost en West. Nu is haar
opvolger, de Organisatie met bijkans dezelfde naam, het enige formele
bindmiddel tussen landen van Vancouver tot Vladivostok. Natuurlijk
zitten de Russen als kandidaat-lid aan de tafel van de Groep van Zeven
en ook zijn er de Samenwerkingsraad van de NAVO en het Partnerschap voor
de Vrede van het Atlantisch Pact, maar slechts de OVSE vermag alle
lidstaten op voet van gelijkwaardigheid samen te brengen.


Vierenvijftig lidstaten van de OVSE zijn vandaag in Lissabon
bijeengekomen. Zij vergaderen volgens een afgesproken agenda. Van meer
betekenis is de vraag wat de bijdrage van deze organisatie voor de
Europese veiligheid is geweest en in de toekomst nog kan zijn. De
omstandigheden in de OVSE-landen zijn niet in balans. De grootste
Europese lidstaat, Rusland, lijdt aan een ernstige bestuurscrisis, de
economische tekenen zijn voor verschillende uitleg vatbaar. In
Wit-Rusland worden de regels van de parlementaire democratie met voeten
getreden. In de Joegoslavische hoofdstad Belgrado gaat de oppositie
massaal de straat op in de hoop zo een einde te kunnen maken aan de
electorale malversaties van Milosevic. Op de OVSE-top in Lissabon is het
,,bien eacute;tonn&eacute;s de se trouver ensemble'' ruim van
toepassing.

DE OVSE/CVSE heeft vanaf haar ontstaan een hybride karakter gekend.
Aanvankelijk was het haar opdracht tussen de beide kampen waarin Europa
verdeeld was een gesprek op gang te brengen en gaande te houden teneinde
een gevaarlijke ontsporing van de gespannen verhoudingen te voorkomen.
Tegelijkertijd veroorzaakte de zogenoemde vierde mand - de verdediging
van de rechten van de mens waartoe alle deelnemers aan de Conferentie
zich hadden verplicht - voor vergroting van de spanning. Uiteindelijk
bleek hiermee het explosief te zijn aangebracht dat leidde tot de
ontwrichting van het communistische stelsel in bijkans heel Oost-Europa
en zelfs in de Sovjet-Unie zelf.

Ook nu worden de leiders in Lissabon geconfronteerd met een dilemma: is
de OVSE in de eerste plaats bedoeld om de 'natuurlijke' spanningen
tussen regimes en tussen bevolkingsgroepen te beheersen of is haar
voornaamste taak de opbouw van de rechtsstaat in de aangesloten landen
zodat de intenties van de vierde mand kunnen worden verwezenlijkt? Beide
oogmerken kugrave;nnen in elkaars verlengde liggen, maar dat is niet
automatisch het geval.

Een voorbeeld: om aan het geweld in Bosnieuml; een eind te maken is in
Dayton een akkoord gesloten met de voornaamste aanstichter van alle
ellende, de Servische president Milosevic. Dat akkoord verzekert de man
van de macht op een moment dat de bewoners van Belgrado tegen hem in
verzet komen. De OVSE heeft Joegoslavieuml; destijds geschorst wegens
het Servische optreden in Kroatieuml; en vervolgens in Bosni&euml;.
Tegelijkertijd is de OVSE belast met de uitvoering van het civiele deel
van de overeenkomst van Dayton, zoals de organisatie van verkiezingen.
Formeel zit het Joegoslavische regime bij de OVSE in de strafbank, maar
tegelijkertijd onderhouden de voornaamste OVSE-leden en
-vertegenwoordigers er op praktische gronden intensieve betrekkingen
mee. Tenslotte zijn Milosevic en de Bosnische Servieuml;rs nog altijd
de gevaarlijkste (tegen)spelers op de Balkan.

ZEVEN JAAR na de val van de Muur blijkt het optimisme uit die tijd te
moeten worden bijgesteld. Het communisme als staatsinstelling mag
opmerkelijk vreedzaam geschiedenis zijn geworden, de geboorte van
democratie en vrije markt verloopt heel wat trager en moeizamer dan
destijds verwacht. Dat verschaft de OVSE wellicht een duurzame
bestaansreden als gespreksforum. Maar sinds de hoopgevende conferentie
van Parijs nu zes jaar geleden was er zo vaak sprake van geweld,
misdadigheid, machtsmisbruik en schending van gesloten overeenkomsten
dat daardoor alleen al het karakter van de organisatie ingrijpend is
veranderd. De OVSE is weer wat zij bij het begin van haar bestaan was:
een in zichzelf verdeeld gezelschap verkerend in een chronische impasse.











