


Koning voetbal





VAN ALLE ONBELANGRIJKE DINGEN in het leven is voetbal wel het
belangrijkste, zei paus Johannes Paulus II ooit. De kerkvader maakte
zijn opmerking in een tijd dat voetbal nog een spelletje was dat op
zondagavond met het bord op schoot voor de televisie kon worden gevolgd.
Maar de tijd van de bondige samenvattingen van Sport in Beeld en Studio
Sport is voorbij. Voetbal is geen spelletje meer, maar een produkt uit
een bedrijfstak waarin enorme bedragen omgaan.



In februari sloot de Nederlandse voetbalbond een zevenjarig tv-contract
af ter waarde van ruim een miljard gulden. De KNVB ging volgens
voorzitter A.A.M.F. Staatsen ,,iets nieuws'' doen. Ze verkocht de rechten op het

competitievoetbal aan Sport7. Dat leverde pakweg twintig procent meer
geld op en bovendien zou de kijker bij de nieuwe nationale sportzender
een stuk beter af zijn dan bij de vastgeroeste NOS, van oudsher de
tv-partner van de bond.


Drie maanden na de start is alle euforie over Sport7 vervlogen. Vanaf de
eerste uitzending van het met veel ophef gepresenteerde nieuwe
sportkanaal is er wrevel ontstaan die afstraalde op het profvoetbal. Het
raakte een miljoen kijkers kwijt, adverteerders bleven weg en de
aanloopverliezen van de zender liepen drastisch op.




 


SPORT7 VERSTOORDE OOK de verhoudingen binnen het betaald voetbal. De
topclubs konden zich niet vinden in de verdeling van de tv-gelden, de
kleine clubs verweten de Top Drie gebrek aan solidariteit. Feyenoord
stapte naar de rechter en toonde aan dat het contract juridisch
waarschijnlijk slecht in elkaar steekt. Met succes blokkeerde de
Rotterdamse club een aantal rechtstreekse uitzendingen van
thuiswedstrijden, waardoor de KNVB niet aan zijn leveringsverplichting
kon voldoen.


De cumulatie van problemen rond Sport7 heeft een klimaat doen ontstaan
waarin alleen nog ruimte is voor twijfel en argwaan. De kleine clubs
geloven niet meer in de oprechtheid van de topclubs. Ajax en Feyenoord
wantrouwen de KNVB. En de bond deed woensdag een ,,ultiem appegrave;l op het
verantwoordelijkheidsgevoel van alle afgevaardigden''. Als de clubs er
niet in slagen de huidige impasse rond Sport7 te doorbreken, zo schreef
voorzitter Staatsen, dreigt het sectiebestuur op te stappen. Niet geheel
ten onrechte noemde Ajax-voorzitter M. van Praag deze poging de zwarte
piet bij de clubs neer te leggen ,,de arrogantie van de macht''.


In Nederland, zo wordt wel gezegd, zijn twee zaken onaantastbaar: het
Huis van Oranje en Koning Voetbal. Met Sport7 heeft het sectiebestuur
van de KNVB aangetoond dat voetbal kwetsbaarder is dan werd aangenomen.
Waarschijnlijk verblind door de successen van Ajax heeft het bestuur
gekozen voor een ongewis avontuur. Dit draagt het stempel van de moderne
no-nonsense interim-managementcultuur waarvan Staatsen een protagonist
is. Het is een stijl van leidinggeven waarin de noodzaak de bestofte
ramen open te zetten te makkelijk wordt verward met afbraak van
maatschappelijke verantwoordelijkheid. De vraag rijst of de ervaren
bestuurders en zakenlieden in het KNVB-bestuur in hun dagelijkse werk
ook zo risicovol ondernemen.





 


DE HANENGEVECHTEN DIE Sport7 uitlokte, vormen in ieder geval een
ernstige bedreiging voor de bedrijfstak voetbal. De werkverhouding
tussen de bond en de topclubs is ernstig verstoord. Veel kleine clubs
stemden hun begroting af op de tv-inkomsten en komen in financieuml;le
problemen bij een wijziging van de huidige regeling. De
onverschilligheid van de voetbalconsument toont aan dat de bond te veel
in kale markttermen heeft gedacht. De commercieuml;le waarde van het
eigen 'produkt' is schromelijk overschat. Sport7 bewijst dat de
liefhebber slechts gedoseerd naar voetbal wil kijken, en niet iedere
avond, zeven dagen in de week.

Een bestuur dat zoveel onrust en schade heeft veroorzaakt, dient zich
ernstig te beraden op zijn eigen positie.











