


Paarse politiek





HET CONTRAST WAS de afgelopen dagen weer groot. Terwijl de leider van
het land zich opnieuw ophield tussen de groten der aarde om mondiale
kwesties te bespreken, was de volksvertegenwoordiging van datzelfde land
in een fel debat gewikkeld over de vraag welk deel van de week studenten
gratis met de trein mogen. Aan de andere kant: is het eigenlijk geen
geruststellende gedachte dat dt de vraag is die de Nederlandse politiek
verdeeld houdt?


De rel rond de OV-jaarkaart voor studenten kan gemakkelijk lacherig
worden afgedaan en de Kamer verdient dit ook wel. Toch staat de uitkomst
van het vannacht laat beeuml;indigde debat voor meer. De coalitie bleek
niet in staat een ordentelijke oplossing voor het gerezen probleem te
vinden en schoof de zaak door naar de kabinetsformatie van volgend jaar.
Maar als dit soort kwesties, waar het in geld uitgedrukt om niet meer
dan 90 miljoen gulden gaat, al niet meer kunnen worden geregeld, hoe
moet het dan met egrave;cht belangrijke onderwerpen? De drie
regeringspartijen hebben in feite te kennen gegeven dat men is
uitgeregeerd. In zijn vrij rijden de samenstellende delen van 'paars'
naar de verkiezingen van volgend jaar mei om de draad pas weer op te
pakken bij de volgende kabinetsformatie. De coalitie kan zich dit
veroorloven omdat het gesternte waaronder moet worden geregeerd
onverminderd gunstig is. De groeicijfers zijn onlangs weer naar boven
bijgesteld en nog altijd hebben de meevallers de overhand boven de
tegenvallers. Aanpassing van het uitgestippelde beleid is dus niet
strikt noodzakelijk, maar klaarblijkelijk ligt er ook geen uitdaging
nieuw beleid te ontwikkelen, zoals de gang van zaken rond de OV-kaart
heeft bewezen.

DE LAATSTE WEEK van het nu afgesloten parlementaire seizoen heeft het
gelegenheidskarakter van de paarse coalitie nog eens versterkt. Zo was
er het door D66 zo gekoesterde idee van het correctief referendum. Het
uiteindelijke  wetsvoorstel kreeg pas de steun van alle
regeringspartijen nadat D66 binnenskamers met crisis had gedreigd. De al
jaren voortslepende discussie over de rijksweg A4 bij Delfland heeft ook
paars niet tot een einde kunnen brengen. Dit heikele onderwerp werd
vannacht eveneens doorgeschoven naar een volgend kabinet.

Het kabinet-Kok is een transactie-kabinet. Sociaal-democraten en
liberalen vonden elkaar in 1994 op basis van voor beide stromingen
aanvaardbare uitgangspunten. De afspraken uit het regeerakkoord van 1994
zijn nagenoeg allemaal nagekomen. In het nu afgesloten parlementaire
jaar zijn de laatste punten ten uitvoer gebracht. Het wetsvoorstel
waarin de martkwerking in de sociale zekerheid werd geregeld was het
markantste. Dit was immers de toetssteen voor de houdbaarheid van de
samenwerking tussen PvdA en VVD. Maar het moeizame debat over de
totstandkoming van marktwerking in het openbaar vervoer van deze week
heeft laten zien dat beide partijen ten principale nog steeds op hun
oude standpunten staan.

HET OOGSTJAAR IS voorbij. De politieke partijen kunnen zich bezighouden
met het inzaaien van de velden voor volgend jaar. Niet denkbeeldig is
dat dit weer zal leiden tot een paars boeket. Ondanks de geventileerde
tegenstellingen hebben echte belemmeringen voor een voortzetting van de
coalitie zich tot nu toe niet voorgedaan. Juist daarom is het jaar van
gedwongen rust zo onwezenlijk. Vanaf nu komen alle politieke
ontwikkelingen in het licht van de aanstaande verkiezingen te staan. De
tribune met kiezers zal maximaal worden bespeeld. Het eigenlijke werk
blijft rusten.










