


Noodzaak  nut





TERWIJL GESTAAG VERDER wordt gebouwd aan de uitbreiding van Schiphol,
kan het land de komende vier maanden discussieuml;ren over de vraag hoe
het verder moet met de luchtvaart als de nationale luchthaven eenmaal de
grenzen van zijn capaciteit heeft bereikt. Een moment dat veel sneller
zal zijn bereikt dan nog geen twee jaar geleden werd gedacht. Toen was
de veronderstelling dat het vergrote Schiphol pas in 2015 'vol' zou
zitten. Dat wil zeggen: dan zou Schiphol zijn aangekomen bij het door de
politiek vastgestelde maximum van 44 miljoen passagiers en 3,3 miljoen
ton vracht per jaar. Inmiddels wordt er rekening mee gehouden dat dit
reeds kort na de eeuwwisseling het geval zal zijn.


De verre toekomst van het vliegverkeer blijkt dus lang niet meer zo ver.
Het is daarom goed dat nu reeds wordt nagedacht over de ontwikkeling van
de luchtvaart op de wat langere termijn. Het kabinet heeft gekozen voor
een brede maatschappelijke discussie, hoewel dat begrip in alle stukken
zorgvuldig wordt vermeden. Dat is niet verwonderlijk getuige de
ervaringen die begin jaren tachtig zijn opgedaan met de brede
maatschappelijke discussie over kernenergie. Die exercitie leidde tot
een grote desillusie, want het toenmalige kabinet schoof de resultaten
van de zeer langlopende en kostbare discussie geheel terzijde.

VOOR DE NU AANGEKONDIGDE discussie over de toekomst van de
luchtvaartinfrastructuur koos het kabinet de term dialoog. Op basis van
de ,,uitkomsten van de dialoog'' die de komende maanden in de
samenleving plaatsvindt, wil het kabinet na de zomer een voorlopige
beslissing nemen of ruimte moet worden geboden voor verdere groei van de
luchtvaart in Nederland. Waar die eventuele uitbreiding tot stand moet
worden gebracht wordt overgelaten aan een volgend kabinet.

Te betwijfelen valt echter of de aangekondigde dialoog wel tot een
andere conclusie zal leiden dan dat er verdeeldheid heerst over het
antwoord op de vraag of de luchtvaart verder kan groeien. De stellingen
zijn reeds lang betrokken en deze week, toen het kabinet de zogeheten
'perspectievennota' over de luchtvaart presenteerde, nog eens bevestigd.
Zij die belang hebben bij verdere groei, zoals Schiphol en de KLM, staan
lijnrecht tegenover de milieugroeperingen. Verwonderlijk is dat niet.
Groei van de luchtvaart valt moeilijk te combineren met het terugdringen
van milieuvervuiling. Een brede maatschappelijke dialoog van vier
maanden zal aan dat gegeven niets veranderen.

De vraag is dan ook gewettigd wat eigenlijk het nut en de noodzaak is
van de 'nut-en-noodzaak'-discussie die het kabinet is begonnen. Het
kabinet heeft een ambitieus plan gepresenteerd over de manier waarop de
dialoog zal worden aangegaan. Niemand is vergeten, zo valt op te maken
uit de gisteren verstrekte lijst van mogelijke deelnemers die varieert
van luchtvaartmaatschappijen tot en met de werkgevers- en
werknemersorganisaties en alles wat daar tussenin zit. Maar waar moet
deze grootschalige inspraakronde vooraf nu toe leiden?

Infrastructuur is een onderwerp bij uitstek waarover nauwelijks
maatschappelijke consensus kn worden bereikt. De gang van zaken rond de
huidige uitbreiding van Schiphol, de Betuwelijn en de hoge snelheidslijn
heeft dat bewezen. Nooit werden direct belanghebbenden en betrokkenen
het eens. Het was altijd de politiek die tegen de achtergrond van een
brede belangenafweging en veelal door middel van een compromis de knoop
doorhakte. En zo hoort het ook te gaan.

HET RISICO VAN de open dialoog over de ontwikkeling van de luchtvaart
die het kabinet wil aangaan, is dat deze al snel bij de deelnemers de
verwachting kan wekken dat de keuze ook daadwerkelijk aan hen is. Maar
het blijft de politiek die de keuzes zal moeten maken. Vanzelfsprekend
doen de politici er goed aan voorafgaand aan hun besluitvorming in
contact met alle betrokkenen te treden. Maar daarvoor heeft de
samenleving geen grootscheeps georganiseerde dialoog nodig. Net als
indertijd bij de discussie over kernenergie zal dit slechts tot extra
frustratie leiden bij degenen die hun mening uiteindelijk niet door het
kabinet vertolkt zullen zien.











