Aanvullend pensioen fors populairder
Door een onzer redacteuren
DEN HAAG, 1 JULI. Bijna eacute;&eacute;n op de tien mensen heeft geen
aanvullende pensioenvoorziening. Het aantal is de afgelopen tien jaar
sterk gedaald; in 1985 had 18 procent van de werknemers geen aanvullende
pensioenvoorziening.
Dit is het resultaat van onderzoek dat in opdracht van het ministerie
van Sociale Zaken en de Sociaal-Economische Raad (SER) is uitgevoerd.
Het onderzoek 'Witte vlekken op pensioengebied' is vanmorgen
gepresenteerd door SER-lid prof. L.F. van Muiswinkel.
Het onderzoek is een vervolg op het onderzoek naar de zogenoemde witte
vlekken dat de Pensioenkamer in 1987 uitvoerde. Met 'witte vlek' wordt
het ontbreken van een aanvullende pensioenvoorziening bedoeld.
Naar schatting 488.000 werknemers missen de aanvullende
pensioenvoorziening: 9 procent van de 5,3 miljoen werknemers inclusief
ambtenaren tussen de 25 en 65 jaar. In 1985 hadden 600.000 van de 3,6
miljoen werknemers geen aanvulling op hun AOW. Het type pensioen en de
grootte ervan is niet onderzocht.
Wat de SER betreft is het ontbreken van een aanvullend pensioen voor
400.000 van de 488.000 mensen die dit niet hebben ,,maatschappelijk
ongewenst''. De onderzoekers doelen daarbij op het ten onrechte
uitsluiten van bepaalde groepen pensioengerechtigden, bijvoorbeeld omdat
ze te jong zouden zijn of te kort zouden werken.
Van de groep werknemers zonder pensioenvoorziening is 65 procent vrouw.
Ruim de helft (56 procent) heeft een flexibel contract, 43 procent is korter dan
 twee jaar in dienst, 38 procent is tussen
de 25 en 29 jaar en 30 procent heeft een jaarinkomen van minder dan
35.000 gulden. Allen werken in de marktsector en ruim de helft (57
procent) in bedrijven met minder dan vijftig werknemers.
Volgens Van Muiswinkel zal de witte vlek (het aantal mensen zonder
aanvullende pensioen) de komende jaren kleiner worden, hoewel het aantal
werknemers stijgt dat een flexibel contract heeft en daardoor moeilijk
pensioen kan opbouwen. Staatssecretaris De Grave (Sociale Zaken), die
het onderzoek in ontvangst nam, meent dat de 9 procent die boven AOW
niets heeft ,,nog altijd te veel'' is. ,,Vooral omdat zeventig procent
van de werknemers zonder aanvullend pensioen werkt bij bedrijven die wel
pensioenvoorzieningen kennen'', aldus De Grave.
Bijna driekwart van alle bedrijven en instellingen hebben een
collectieve pensioenvoorziening. De meest genoemde reden voor het niet
hebben van een pensioenvoorziening voor het personeel is dat het om een
(zeer) klein bedrijf gaat (48 procent), dat zo'n regeling te duur is (14
procent), dat het bedrijf pas gestart is (12 procent) of dat de
werknemers geen interesse hebben in een aanvullende pensioenvoorziening
(5 procent). 
