'Service voor Internet schiet ernstig tekort'
Door onze redacteur JACO ALBERTS 
AMSTERDAM, 15 JUNI. De dienstverlening
van bedrijven die in Nederland toegang bieden tot het wereldwijde
computernetwerk Internet, schiet ernstig tekort. Dit blijkt uit
onderzoek van het adviesbureau Moret, Ernst  Young onder een groot
aantal 'Internet-providers'.
Op basis van de nog te publiceren bevindingen denkt drs. P. Ehrhardt,
die samen met M. Vlietman het onderzoek uitvoerde, dat zeker de helft
van alle 'Internet-providers' in Nederland ,,beunhazen'' genoemd kan
worden. ,,Ik ben me kapotgeschrokken van de resultaten'', aldus
Ehrhardt.
Iedere particulier of elk bedrijf dat met zijn computer Internet op wil,
moet daarvoor gebruik maken van een 'provider' als toegangspoort. Die
organisaties laten zich voor die toegang betalen en bieden bovendien
allerlei extra diensten aan die het voor gebruikers makkelijker moet
maken op Internet hun weg te vinden. De verbinding met zo'n 'provider'
gaat meestal via een telefoonlijn.
,,Er schuilt nog erg veel kaf onder de koren'', zo waarschuwen de
onderzoekers in hun rapport. Zij pleiten dan ook voor de oprichting van
een onafhankelijk instituut dat de 'Internet-providers' moet doorlichten
en bedrijven pas daarna een certificaat verleent dat het recht geeft
zich te mogen opwerpen als 'toegangspoort' van het computernetwerk. Zo
bleek van alle 128 organisaties die zich eind maart
'providers' noemden, liefst veertig in het geheel niet bereikbaar via de
telefoon of via Internet zelf.
Van de 'Internet-providers' die wel reageerden (53 in getal), beschikt
een groot deel over volstrekt onvoldoende capaciteit. Om 'filevorming'
op het net tegen te gaan, moet een 'provider' volgens
communicatiedeskundigen per duizend abonnees in piekuren honderd
inbellijnen tegelijkertijd beschikbaar hebben. In werkelijkheid blijkt
die capaciteit gemiddeld slechts een kwart te zijn. Ook de capaciteit
van de lijnverbindingen van de 'provider' naar het daadwerkelijke
netwerk roept vragen op. Veertig procent van de ondervraagden weigerde
te vertellen hoe groot de 'bandbreedte' van hun verbinding is. Ook op
vragen naar de beveiliging van de systemen werd slechts mondjesmaat
geantwoord.
Volgens Ehrhardt is het niet zo dat de problemen zich enkel voordoen bij
de kleinere 'Internet-providers'. ,,Er zijn ook grote 'providers' die
volstrekt te weinig bieden en kleintjes die het juist wel aan de
kwaliteitseisen voldoen.''
