

De ondergang van een no nonsense-kabinet






Door onze redacteur ERIK OUDSHOORN 


ROTTERDAM, 11 DEC. Het bestuur
betaald voetbal presenteerde zich in mei 1993 onder voorzitterschap van
Jos Staatsen als een no nonsense-kabinet. Een groep slagvaardige
bestuurders, die toen nog graag een voorbeeld nam aan het clublied van
Feyenoord: geen woorden maar daden. Ruim drie jaar later is het
inmiddels sterk gewijzigde college aan een mislukte zakelijke
overeenkomst met Sport7 ten onder gegaan. Waarbij Feyenoord en Ajax voor
scherprechter speelden.


Na een langdurige formatie-periode, waarin de voormalige PSV-voorzitter
en Philips-werknemer Jacques Ruts een belangrijke rol speelde, werd in
1993 mr. A.A.M.F. Staatsen verrassend gepresenteerd als de nieuwe leider
van het betaald voetbal. De 56-jarige geboren Utrechter, die
tegenwoordig in Haarlem woont, was in de periode 1985-1991 burgemeester
van Groningen. In die periode kwam hij in aanraking met het topvoetbal.
Niet alleen door de plaatselijke FC, maar ook als voorzitter van de
Stichting Cotass die de invoering van de Club Card voorbereidde.

Het college-Staatsen kende aanvankelijk drie bestuurders met een
voetbalachtergrond en drie die op zakelijke gronden werden gevraagd. Van
de voetbalbestuurders heeft alleen Gerard Bouwer de eindstreep gehaald.
De voormalige voorzitter van FC Dordrecht/
DS'79, die twaalf jaar betaald voetbal speelde bij Sparta en DFC, begon
als bestuurslid licentiezaken en eindigde als penningmeester. Hij nam
die functie over van Theo Aalbers. Deze oud-voorzitter van FC Utrecht
moest aftreden nadat hij werd veroordeeld wegens handtastelijkheden
jegens een vrouwelijk personeelslid van de bond.

Sylvia Toacute;th, directievoorzitter van Content Beheer, had het
laatste jaar licentiezaken onder haar hoede. Karel Jansen, de oprichter
van de spelersvakbond, haakte tegen zijn zin precies een jaar geleden af
nadat hij de pensioengerechtigde leeftijd had bereikt. Zijn taak
(voetbalzaken) werd overgenomen door ex-Ajacied en ex-Feyenoorder Theo
van Duivenbode. Het college werd tijdens de rit ook aangevuld met Hans
van Holten, voormalig hoofd algemene zaken van Holland Casino's en
sponsor van FC Groningen. Staatsen leerde Holten in Groningen in de tijd
hij nog burgemeester was in die stad.

Uit het college viel verder tussentijds Mr. M.J. (Miel) Maessen weg.
Officieel stelde de Tilburger zijn zetel ter beschikking wegens drukke
werkzaamheden, maar naderhand bleek dat hij het toch ook niet eens was
met het gevoerde beleid. Zijn (juridische) taken werden overgenomen door
mr. Henk Kesler, voormalig penningmeester van FC Twente.

W.H. (Willem of 'Bill' voor intimi) Maeijer, voormalig Philips-topman,
stapte al snel op nadat hij het ambt van voorzitter bij PSV aanvaardde.
Voor zijn commercieuml;le functie werd drs. Peter Groenenboom gevonden.
Ook hij had een Philips-achtergrond. Groenenboom werkte een kwart eeuw
bij het electronica-concern, woonde in Italieuml;, Zuid-Afrika en de
Verenigde Staten. Maar sinds vier jaar is hij voorzitter van de raad van
bestuur van het handels- en installatiebedrijf Internatio Muuml;ller
dat negenduizend werknemers kent.

Groenenboom stapte in het sectiebestuur omdat hij dacht dat hij als
workaholic daar zijn gedrevenheid kwijt kon. In 1994 zei hij in
de WK-bijlage van deze krant: ,,Ik vind het tevens interessant of je met
een paar beginselen uit het bedrijfsleven een verenigingsstructuur een
extra dimensie kunt geven. De affectie met het spelletje is er altijd
geweest. Dat begon bij het moment dat ik met een tennisballetje op
straat liep te voetballen.'' Groenenboom begon zich begin 1995 voor het
eerst te verdiepen in het medialandschap. Hij kwam al snel tot de
conclusie dat het voor de KNVB een moeilijke zaak zou worden in de
toekomst de tv-rechten exclusief in bezit te houden. Dankzij de
digitalisering wordt het mogelijk dat de kijker straks over tachtig
kanalen kan beschikken, en dan is er altijd wel een zender die het
Nederlandse voetbal via een omweg in de huiskamer brengt. Zonder
daarvoor royalities af te dragen. In de zomer van '95 lanceerde
Groenenboom in het maandblad Elf voor het eerst zijn plannen voor
een sportzender. ,,Maar'', zei hij erbij, ,,de kijker mag niet worden
overvoerd. Bovendien moet het financieel verantwoord blijven. Op gebied
van tv-advertising behoort de Nederlandse markt tot de laagste van
Europa.''

Ruurd Bierman, directeur van de NOS, maakte Groenenboom er destijds op
attent dat een dergelijke sportzender voor het jaar 2000 in Nederland
,,volstrekt niet aan de orde kon zijn''. Het sectiebestuur was dus
gewaarschuwd en wel degelijk voorbereid. Toch werd op vrijdagavond 9
februari 1996 het avontuur met Sport7 aangegaan voor 1.040 miljoen
gulden in zeven jaar.

Het bestuur dacht met de tv-rechten goud in handen te hebben, maar de
nieuwe zender kreeg al snel van alle kanten kritiek te verwerken. Op de
cruciale algemene vergadering van de voetbalclubs op 22 februari van dit
jaar kregen de afgevaardigden een stuk in handen waarin de
doelstellingen van de KNVB werden onderstreept: ,,Het voetbal moet
toegankelijk worden gemaakt voor een zo'n breed mogelijk publiek tegen
een zo gering mogelijke prijs''. En verder: ,,In beginsel moet iedere
Nederlander die een kabelaansluiting heeft het Sportkanaal kunnen
ontvangen.'' Die uitgangspunten heeft het sectiebestuur door welke
omstandigheden dan ook niet waar kunnen maken.

Tijdens het bewind van het college-Staatsen zag verder de Club Card het
levenslicht. Dat is een servicekaart die niet bepaald fraudebestendig
blijkt te zijn. Binnen de stadionmuren werd het voetbal veiliger, er
buiten nam het vandalisme niet af.

Voor het WK van 1994 werd Staatsen in korte tijd een bekende Nederlander
toen hij in zijn ongeduld afzag van een samenwerking met Johan Cruijff
als bondscoach. In het seizoen 1993-'94 werd voor het eerst een positief
exploitatiesaldo bereikt in beide divisies. Het competitieverloop was
zelden ontbloot van kritiek. Deze zomer sloot de voetbalbond een
megacontract af met kledingsponsor Nike voor veertien miljoen gulden per
jaar. Het bestuur betaald voetbal kwam zonder kleerscheuren uit het
knelpuntenoverleg met de amateurs. Het aantal van 36 clubs werd
gehandhaafd en er kwam een gedragscodecommissie als papieren tijger
tegen verbaal vandalisme.










