Verlegen koningin van de atletiek
Door onze redacteur WARD OP DEN BROUW 
Spottend wordt ze wel eens 'oma'
genoemd. Wie haar tijden op de korte afstanden kent, weet beter. Want
Merlene Ottey - in meer serieuze kringen betiteld als 'de koningin van
de atletiek' - is snel. Erg snel. Eind mei liep ze de 100 meter in
Hengelo in 11,02 seconden. Kort daarvoor kwam ze in het Duitse Chemnitz
tot 11,06. Ottey's persoonlijke record staat op 10,78 seconden.
 Voor de Olympische Spelen liepen Ottey en haar voornaamste rivale Gwen
Torrence eacute;&eacute;n keer in dezelfde race. Dat was in Oslo,
precies twee weken voor de openingsceremonie in Atlanta. Ottey won in
10,95 seconden. Torrence werd derde in 11,06. Op de Spelen zullen de
twee elkaar niet op de 200 meter tegenkomen; Torrence slaagde er niet in
zich te kwalificeren.
De Amerikaanse wereldkampioene noteerde in de aanloop naar de olympiade
de snelste tijd op de 100 meter. In mei liep ze bij de opening van het
olympisch stadion in haar woonplaats Atlanta 10,85 seconden, een week
later 10,96. Ottey liep op dat moment in Hengelo, waar de thermometer
maar net boven de tien graden kwam. Torrence trotseerde dicht bij huis
temperaturen boven de veertig graden.
Als de hitte en de hoge luchtvochtigheid in Atlanta ter sprake komen,
zegt Ottey: ,,Perfect, het is net Jamaica.'' Ottey komt uit Montego Bay,
de grootste toeristische trekpleister op het eiland dat een schrijnend
tekort aan atletiekvoorzieningen kent. Ze woont in het
belastingvriendelijke Monaco. Het verbaast Ottey dat ze nog altijd op
topniveau presteert. ,,Soms sta ik inderdaad versteld van mezelf. Ach,
ik ben gezegend met talent. Ik heb de basis, ik blijf gewoon werken en
ik ga er altijd vanuit dat ik altijd een klein beetje meer kan doen. Ik
probeer nog steeds elk jaar een beetje beter te worden. Mijn doel is om
gezond te blijven en als ik daar in slaag, komen de goede resultaten
vanzelf.''
Het succes is de dochter van een boer en een verpleegster nooit naar het
hoofd gestegen. Ze vindt ook zelf dat ze altijd ,,gewoon'' is gebleven,
met beide benen stevig op de grond. ,,Sportief succes betekent niet dat
je superieur bent buiten de atletiekbaan'', zei ze ooit in een interview
met Sport International.
Ottey trainde jarenlang onder de Nederlander Henk Kraaijenhof. Hij
omschreef haar destijds als volgt: ,,Stabiel, betrouwbaar, bescheiden,
heel verlegen en introvert. Moeilijk ook, ondoorgrondelijk. Ze is
absoluut geen allemansvriend, eerder een allemansvijand. En ze is een
sterke persoonlijkheid, gezegend met een enorme wilskracht.''
Merlene Ottey stopt na dit seizoen, kort na de Olympische Spelen. Een
soortgelijk voornemen uitte ze ook na de vorige Olympische Spelen, in
1992, toen ze op de 100 meter buiten de prijzen viel en op de 200 meter
genoegen moest nemen met brons. ,,Na de Spelen bleek dat ik lichamelijke
problemen had waarvan ik geen weet had. Bloedonderzoek wees uit dat ik
niet in orde was. ,,Ik zei, aha, daarom ging het dus niet goed. Als ik
die resultaten op de Spelen zou hebben behaald als ik honderd procent
gezond was geweest, zou ik na Barcelona zijn gestopt. Maar toen waren er
opeens de kansen en de hoop dat ik toch nog beter zou kunnen lopen.''
Een jaar later bewees ze die stelling. ,,Absoluut'', zegt ze resoluut
over haar voornemen om na dit seizoen een punt achter haar
indrukwekkende atletiekcarriegrave;re te zetten. Niets kan haar op
andere gedachten brengen. ,,Als ik nog een jaar zou lopen, weet ik zeker
dat ik nog steeds in de top meekan. Maar ik ben erg tevreden met wat ik
in al die jaren heb gepresteerd. Vooral in de afgelopen drie jaar heb ik
veel bereikt.''
In 1993, het jaar na de Spelen van Barcelona, won Ottey eindelijk goud
op een groot toernooi. In Stuttgart werd ze wereldkampioene op de 200
meter. Daarvoor grossierde ze in bronzen medailles, in iets mindere mate
behaalde ze ook zilver. De erelijst is lang. Het begon allemaal toen ze
in 1976 de Jamaicaan Donald Quarrie olympisch goud zag winnen op de 200
meter. Het was toen - een jaar nadat ze op blote voeten de 200 meter in
25,9 seconden had gelopen - dat ze besloot er op de volgende Olympische
Spelen zelf te staan. Zo geschiedde. Daardoor hoefde ze niet te kiezen
tussen twee maatschappelijke carriegrave;res, onderwijzeres of
verpleegster.
Op de Spelen van Moskou (1980) won Ottey brons op de 200 meter. Het was
haar eerste grote internationale prijs en de eerste plak die haar een
andere bijnaam zou opleveren: The Lady in Bronze. Vervolgens was
er brons op de Spelen in Los Angeles (1984) op de 100 en de 200 meter en
brons op de Spelen in Barcelona (1992). Op de 100 meter kwam Ottey toen
niet verder dan de vijfde plaats. Het goud was voor Gail Devers. In
Seoel (1988) kampte ze vlak voor de finale op de 200 meter met een
bronchitis-aanval en spierklachten. Ze werd vierde, achter Florence
Griffith, landgenote Grace Jackson en Heike Drechsler.
Stuttgart is voor Merlene Ottey synoniem voor verlossing. Drie jaar
geleden raakte ze daar op het WK verlost van een obsessie, de obsessie
om ooit eerste te worden. ,,Het was een noodzaak, een must. Ik
deed altijd erg mijn best om te winnen, maar steeds greep ik naast de
toppositie.'' Op die negentiende augustus in Stuttgart slaagde ze wel.
Eindelijk. Van de Jamaicaanse regering kreeg ze als beloning de status
van diplomaat. Ere-ambassadrice Ottey mag sindsdien als excellentie
worden aangesproken. Gemotiveerd is ze altijd geweest, vooral door de
wil om die ene eerste prijs te halen. ,,Sinds Stuttgart ben ik erg
tevreden, omdat ik daar eindelijk een gouden medaille won.
 Ik heb nooit een gouden olympische medaille gewonnen, zelfs geen
zilveren. Dat is natuurlijk ook niet gemakkelijk. Ik ga me daar dus ook
niet al te druk over maken. Ik zal er niet van in de stress raken.''
Ottey ziet haar kansen op olympische victorie realistisch onder ogen.
,,Er zijn mensen die veel sneller lopen. Het is een bijna onmogelijke
opgave, maar het is niet helemaal onmogelijk. Met een beetje geluk lukt
het misschien. Dat had ik vorig jaar, dus waarom dit jaar niet.''
Positief denken kan Ottey, die vorig jaar in Gouml;teborg
wereldkampioene op de 200 meter werd en zilver won op de 100 meter, niet
worden ontzegd. De krachtsverhoudingen liggen zo dicht bij elkaar, zegt
Ottey, dat elke plaats van nummer 1 tot en met 5 mogelijk is. Tegenstand
zal ze behalve van Torrence ook van haar landgenote Juliet Cuthbert
ondervinden, zowel op de 100 als de 200 meter.
Ontspannen leefde Ottey naar Atlanta toe. Haar training was niet
specifiek op het evenement gericht, beweert ze. ,,Sinds Stuttgart heb ik
steeds niet verder vooruitgekeken dan een jaar. Aan
lange-termijnplanning doe ik sindsdien niet meer. Ik had nooit gedacht
dat ik deze Olympische Spelen nog zou halen. Steeds deed ik maar
eacute;&eacute;n stap tegelijk.'' Zo ging het ook in de maanden die
voorafgingen aan haar laatste Spelen. Van een strakke planning, zoals
bij collega-sporters aan de vooravond van Atlanta, was bij Ottey geen
sprake. Het kwam er kort gezegd op neer dat ze maar wat deed. Gewoon,
waar ze zin in had. De 100 meter lopen op de Adriaan Paulen Memorial
bijvoorbeeld, de laatste keer dat ze haar 'kunstje' in Nederland liet
zien. Ottey, die al enkele jaren in het belastingvriendelijke klimaat
van Monaco vertoeft, overwinterde in Florida en Australieuml;. Samen
met de Britse olympisch kampioen op de 100 meter Linford Christie - net
als zij geboren in Jamaica en ook 36 jaar - en landgenote Cuthbert.
Lange tijd ging Ottey gebukt onder druk. ,,Iedereen zegt: je moet
winnen, je moet dit doen, je moet dat doen. Het hangt er vanaf in
hoeverre je jezelf daardoor laat beiuml;nvloeden. Je kunt druk al vanaf
de eerste dag van een toernooi opbouwen, het kan ook in de laatste
minuut, als je voor de startblokken staat. In het verleden voelde ik
grote druk omdat ik van iedereen moest winnen. Ik vergat aan mezelf te
denken en verloor. Omdat ik die mensen zo graag wilde plezieren. Je gaat
je afvragen: wat zullen mijn fans zeggen, wat zullen mijn vrienden
zeggen als ik verlies. Dan verlies je dus juist. Omdat je bang bent
geworden om te verliezen.''
De adrenaline stroomt vanzelfsprekend vooral bij grote wedstrijden,
geeft Ottey toe. Een toename was er in Hengelo nauwelijks te bespeuren.
,,Als Irena Privalova, Gwen Torrence, Juliet Cuthbert of Gail Devers in
Nederland waren geweest, zou ik op mijn tenen hebben gelopen. Als je te
ontspannen bent, is het ook niet goed. In Hengelo lag ik aanvankelijk
even op een derde of vierde plaats. Ik moest er tegenaan, ik moest de
laatste dertig meter een hogere versnelling vinden, anders had ik daar
verloren. Hoe het rond en tijdens de wedstrijd met mijn concentratie is
gesteld? Vlak voor de start vroeg ik me af of het zou gaan regenen of
droog zou blijven. Als ik daar een betere start zou hebben gehad, had ik
m'n concentratie beter kunnen vasthouden. Maar ik begon slecht, moest
veel goedmaken en zei tegen mezelf: Blijf ontspannen, niet vechten want
anders raak je te gespannen.''
Gwen Torrence is weliswaar favoriet voor het olympische goud op de 100
meter, Merlene Ottey wordt als haar voornaamste concurrente beschouwd.
Het feit dat Torrence in haar woonplaats Atlanta een thuiswedstrijd
loopt, hoeft niet per se in het voordeel van de Amerikaanse te zijn,
zegt Ottey. ,,Het kan ook in haar nadeel werken. Ik weet niet hoe zij
daar mee omgaat. Maar geloof me: als de Olympische Spelen op Jamaica
zouden zijn, zou er heel veel druk op me liggen. Ik weet niet of ik dat
zou aankunnen. Ik ben blij dat de Spelen niet op Jamaica worden
gehouden.''
Tegenover landgenote Juliet Cuthbert heeft Ottey een ambivalente
houding: ze zijn elkaars beste vriendinnen, tegelijkertijd elkaars
concurrenten. Ongeveer beurtelings verslaan ze elkaar. Ze trainden samen
in Florida en Australieuml;. Naar alle waarschijnlijkheid lopen ze
straks weer tegen elkaar in de finale van de 100 meter. ,,Het zal een
zeer spannende race worden. Zeer, zeer spannend. Een gevecht. Het wordt
doggy-dog, als je begrijpt wat ik bedoel.''
Ottey voelt zich zowel fysiek als mentaal sterker dan vlak voor de
Olympische Spelen in Barcelona. ,,Lichamelijk ben ik in een betere
vorm'', zei ze kort voor Atlanta. ,,Ook mentaal, omdat ik niet per se
hoef te winnen. Ik wil gewoon plezier hebben. Dat is heel belangrijk
voor mijn geestesgesteldheid.''
Die lol zal ze na haar atletiekcarriegrave;re nastreven in de
modewereld. Als model of als ontwerper, een beetje afhankelijk van wat
er op haar weg komt. ,,Wat me wordt aangeboden, pak ik met beide
handen beet'', zegt ze lachend. ,,Ik kan me niet permitteren om erg
selectief te zijn.''
