WK-medailles bieden schaatsers weinig zekerheid
Door onze redacteur WARD OP DEN BROUW
WARSCHAU, 10 MAART. De wereldkampioenschappen afstanden in Warschau zijn
gisteren afgesloten met goud, zilver en brons op de tien kilometer voor
achtereenvolgens Gianni Romme, Rintje Ritsma en Bob de Jong. Maar nog
meer dan over dit Nederlandse succes werd nagepraat over de keiharde
concurrentiestrijd die volgend seizoen zal ontbranden voor een
startplaats op de Olympische Spelen, die over elf maanden in Nagano
beginnen.
Pas eind van dit jaar wordt duidelijk welke schaatsers Nederland in
Japan zullen vertegenwoordigen. Met hun gouden medailles die zij
afgelopen weekeinde behaalden, zijn Ritsma, winnaar op de 1.500 en de
5.000 meter, Marianne Timmer als winnares op de 1.000 meter en Romme
niet automatisch verzekerd van deelname aan de Spelen. Daarmee bestaat
de mogelijkheid dat de kampioenen van nu op het belangrijkste
schaatsevenement ontbreken. Alleen wie zich in december per afstand in
de top nestelt, wordt afgevaardigd.
De tweede editie van het WK afstanden verliep met vier gouden, vijf
zilveren en vier bronzen medailles voor Nederland succesvol. Zilver
wonnen Carla Zijlstra (5.000 meter), Sandra Zwolle (1.000 m), Jan Bos
(1.000 m), Gianni Romme (5.000 m) en Rintje Ritsma
(10.000 meter), brons was er voor Zijlstra (3.000 m), Marianne Timmer
(1.500 m) en Bob de Jong (10.000 m). Stayer Gianni Romme was de enige
van de Nederlandse toppers die met succes zijn afstandstitel van vorig
jaar in Hamar verdedigde. Met overmacht versloeg hij gistermiddag in de
slotrace op de tien kilometer Ritsma. Jeroen Straathof leverde zijn
titel op de 1.500 meter in en eindigde als vijfde, vrijdag moest Ids
Postma met een negende plaats op de 5.000 meter afstand doen van zijn
wereldtitel en bij de vrouwen raakte Annamarie Thomas haar titels kwijt
op de 1.000 en de 1.500 meter. Op de kilometer werd ze
negende, voor de metrische mijl was ze niet geplaatst.
Het gegeven dat Nederlanders in het pre-olympische jaar doorgaans heer
en meester op de ijsbanen zijn en bij de Spelen falen, is een spookbeeld
dat velen nu al bezighoudt. ,,In Nederland moet je je doodselecteren,
terwijl ze zich in het buitenland, waar de top veel minder breed is,
rustig kunnen voorbereiden'', zei Romme. Het criterium dat degenen die
vlak voor de Spelen het beste schaatsen naar Japan gaan, beschouwt Romme
als eerlijk. Nadeel is wel dat er op verschillende momenten in het seizoen gepie
kt moet worden. Romme: ,,Dus moet je oppassen
dat je niet gesloopt bent, voordat je daar komt.''
Om overbelasting voorafgaand aan de Olympische Spelen te voorkomen,
overweegt een aantal Nederlandse schaatsenrijders de Europese
Kampioenschappen allround die volgend jaar januari in Helsinki op het
programma staan, te laten schieten. Ritsma houdt die mogelijkheid
nadrukkelijk open. Ook is de kans aanwezig dat Postma zijn Europese
titel in Finland een maand voor de Spelen niet zal verdedigen. ,,Je hebt
aan Ids en Rintje kunnen zien dat schaatsers niet in
staat zijn het hele seizoen voorop te rijden'', zei Henk Gemser,
bondscoach van de mannenkernploeg allround. Ritsma won in Warschau twee
wereldtitels, maar werd eerder dit jaar als titelverdediger tweede bij
de EK allround en vijfde in Nagano bij de WK allround. Postma werd op
beide toernooien kampioen maar miste afgelopen weekeinde in Polen de
aansluiting met de top.  In Nagano mogen op de 500, 1.000 en 1.500 meter
maximaal vier schaatsers per land deelnemen. Op de langere afstanden -
de 3.000 en 5.000 meter bij de vrouwen en de 5.000 en 10.000 meter bij
de mannen - hoogstens drie. Vooral op de 1.500 meter
bij de mannen is de concurrentie moordend. Ritsma won onlangs het
wereldbekerklassement op die afstand en werd in Warschau wereldkampioen,
Postma, Straathof en Hersman hebben de 1.500 meter als specialiteit,
terwijl ook de jonge garde schaatsers zich nadrukkelijk aandient. Ritsma
onderstreepte in het Stegny-stadion dat hij nog niet afgeschreven is.
Zijn teleurstellende vijfde plaats op het WK allround in Japan deed hij
in Warschau drie weken later alweer vergeten met magistrale ritten op de
1.500 en 5.000 meter en een mooie tweede plaats op de
10.000 meter.
Bij de vrouwen ontpopte de 22-jarige Marianne Timmer zich dit seizoen
als de belangrijkste troef voor een olympische titel. Haar razendsnelle
progressie op de sprintafstanden, na twee teleurstellende seizoenen in
de kernploeg allround, eindigde in Warschau met een overwinning op de
1.000 meter. Op de 1.500 meter won ze brons, vrijdag greep ze met een
vierde plaats op de 500 meter net naast een medaille.
De opmars van Timmer bij de sprinters is verbazingwekkend, net zoals Jan
Bos bij de mannen in zeer korte tijd de status van beste sprinter van
Nederland veroverde. Bos nam die titel over van Gerard van Velde, die in
Warschau slecht presteerde, Timmer stootte Thomas als Nederlands snelste
vrouw op de korte afstanden van de troon. Timmer en Bos worden getraind
door Leen Pfrommer en maken deel uit van het team dat ironisch genoeg
door het leven gaat als de kernploeg van sprinters in opleiding. De
hoofdmacht van het Nederlandse sprinten, met onder anderen Van Velde en
Sandra Zwolle, wordt getraind door de Amerikaan Peter Mueller. Bos
maakte in Warschau duidelijk dat hij zich onder leiding van Pfrommer wil
voorbereiden op de Winterspelen in Nagano, Timmer sluit een overstap
naar Mueller niet uit.
