


Oost-Timor en de vrede





IN DE KEUZES VAN het Comiteacute; voor de Nobelprijs voor de vrede
zijn lijnen te ontdekken. Onder de ontvangers bevinden zich nogal wat
staatslieden die hebben bijgedragen aan het beeuml;indigen van oorlogen
en gewelddadige tegenstellingen. In 1993 waren dat De Klerk en Mandela.
Soms wordt de strijd tegen de gevaren die de wereld als geheel bedreigen
met de prijsuitreiking onder de aandacht gebracht. Dat was vorig jaar
het geval toen Joseph Rotblat en de Pugwash Conferences on Science and
World Affairs werden uitverkoren. Ook komen mensen in aanmerking die
zich buiten de schijnwerpers van de massamedia, met gevaar voor eigen
welzijn hebben ingespannen voor vrijheid en burgerrechten. In 1991 werd
zo de Birmese Aung San Suu Kyi geeuml;erd.


De keuze van dit jaar valt in de laatste categorie. Bisschop Carlos Belo
en Jose Ramos-Horta, beiden van Oost-Timor, hebben (nog) niet de
bekendheid van een aartsbisschop Tutu of van een Moeder Teresa, maar zij
hebben gevaren voor het eigen leven getrotseerd en zich in dienst
gesteld van het streven naar menselijkheid.

De voormalige kolonie Oost-Timor is na de ineenstorting van het
Portugese regime door Indonesieuml; geannexeerd. Dat is met veel geweld
en bloedvergieten gepaard gegaan. De bewoners van het gebied, eeuwenlang
opgegroeid in een eigen cultuur en traditie, voelen niets voor
onvoorwaardelijke en gelijkschakelende aansluiting. De regering-Suharto
van haar kant is van nature niet geneigd de diversiteit op de vele
eilanden die de Indonesische archipel telt te honoreren. Zij vreest
versplintering als het centrale gezag zich zwak toont.

DE NOBELPRIJS ZAL niet tot onmiddellijke verbetering leiden. Dat is in
Birma ook niet het geval geweest, zoals dagelijks blijkt. De prijs moet
dan ook eerder worden gezien als een bijzonder signaal aan de heersers
in Jakarta dat de wensen en verlangens van het Oosttimorese volk
internationaal als legitiem worden beschouwd, en dat het regime zich met
zijn onderdrukkingspolitiek buiten de internationale orde plaatst.

Op den duur blijken dergelijke uitingen van invloed. Daarvan is de
afgelopen jaren een groeiend aantal voorbeelden waar te nemen.











