


In Noordwijk





DE STAATS- EN REGERINGSLEIDERS van de Europese Unie waren niet naar de
ingelaste top van Noordwijk gekomen om besluiten te nemen. Het ging hun
er veel meer om elkaar en hun kiezers nog eens te doordringen van de
ernst van hun specifieke verlangens en van de beslissingen die komende
maand op de reguliere topbijeenkomst in Amsterdam moeten worden genomen.
Vooral voor president Chirac staat er veel op het spel: zal hij straks
in Nerlands hoofdstad een homogeen of een verdeeld team aanvoeren?
Morgen wordt met de eerste ronde van de vervroegde Franse
parlementsverkiezingen op die vraag een begin van een antwoord gegeven.


Toch heeft Chirac al een scheut water in zijn wijn moeten doen. De
komende uitbreidingen van de Unie naar 20 tot 25 staten vereisen
stroomlijning van de Europese instituties, voorop de Europese Commissie.
Frankrijk wenst een plafond van 10 tot 12 commissarissen. Voor dit idee
is uit bestuurlijk oogpunt veel te zeggen. Maar de lidstaten zouden dan
met een roulerende aanwezigheid in dat cruciale orgaan genoegen moeten
nemen. Daar zijn de kleine landen nog lang niet aan toe. Kanselier Kohl
gaat uit van een Commissie van, ten hoogste, de 20 leden die zij nu
telt. Bij de eerste uitbreidingsronde, die tegen 2005 is voorzien, zou
de kwestie opnieuw kunnen worden bekeken.

Nauw met dit vraagstuk verbonden is de voorgenomen bijstelling van de
stemverhouding in de Raad van Ministers, ofwel de versterking van de
positie van de grote ledenlanden. Deze willen in staat zijn in gevallen
waar zij niet hun veto kunnen uitspreken, gezamenlijk een blokkerende
minderheid te vormen. De verschillende uitbreidingen in het verleden
heten deze afweer der groten tegen het geweld der kleinen te hebben
uitgehold. Uitstel van een chirurgische ingreep op de Commissie zullen
de kleine landen in Amsterdam waarschijnlijk moeten betalen met een
zekere afzwakking van hun positie in de Raad.

EN DAN WAS ER Tony Blair, de nieuwe Britse premier, die niet zo heel
anders denkt dan zijn voorganger. De Britse handtekening onder het
sociale protocol, die Major in 1991 in Maastricht weigerde maar die nu
zal worden gezet, mag niet betekenen dat de in het Verenigd Koninkrijk
verwezenlijkte flexibiliteit op de arbeidsmarkt wordt aangetast. Chiracs
notitie dat Blair als enige aanwezige het f-woord in de mond nam, moet
vermoedelijk als ironisch worden begrepen. De Britse socialisten zijn,
niet minder dan de Tories vograve;&ograve;r hen, gekant tegen de
flexibiliteit die Fransen en Duitsers willen introduceren in de
gemeenschappelijke buitenlandse en veiligheidspolitiek. Het 'samen uit
of helemaal niet uit' blijft een hardnekkige Britse voorwaarde.

Traditioneel stelt Blair zich ook op in de kwestie van de
grenscontroles. Tegen de open grenzen van Schengen heeft hij geen
bezwaar, zolang het gaat om de grenzen op het continent. De Britse
eilanden daarentegen kennen naar hun aard alleen 'buitengrenzen'. Die
dienen dus gecontroleerd te blijven.

'Amsterdam' zal een nieuw EU-verdrag opleveren. Dat document zal zich
minder onderscheiden van 'Maastricht' dan de kiezers jarenlang is
voorgehouden.










