
Mobutu en Kabila





HET EINDE VAN Mobutu als staatshoofd van Zaiuml;re is nabij. Uitdager
Kabila kwam dit weekeinde naar Pointe-Noire, niet om vrede te sluiten,
zelfs niet om de overdracht te regelen, maar simpelweg om Mobutu's hoofd
te eisen. De man moet weg en heeft geen voorwaarden meer te stellen,
luidt Kabila's boodschap aan bemiddelaar Mandela en aan Clinton en
Chirac op de achtergrond. De resterende afstand naar de hoofdstad
Kinshasa is het enige obstakel dat de rebellen, zoals de internationale
media hen nog steeds benoemen, hebben te overwinnen. Zaiuml;res leger
heeft als strijdmacht praktisch opgehouden te bestaan.


De grote vragen voor Zaiuml;re hebben intussen weinig te maken met het
hoe en wanneer van Mobutu's aftreden. Zij betreffen de periode daarna.
Dan zal moeten blijken of Kabila over de organisatie beschikt om het
landsbestuur weer op gang te brengen. Nu geven de mensen hem, tot in
Kinshasa, het voordeel van de twijfel. Alles is beter dan Mobutu. Maar
de regionale en tribale tegenstellingen, het weer op gang brengen van
economische groei, het behartigen van een enigszins menselijk bestaan
voor velen, het herstel van enige infrastructuur in de uitgestrektheid
van Zaiuml;re zijn vraagstukken die de thans aan Kabila betoonde
goodwill ver overschaduwen.





DE GEDACHTE, inmiddels ook door Mobutu aangehangen, om eerst maar eens
door een overgangsregering verkiezingen te laten houden lijkt dan ook
veel op een wensdroom. Zaiuml;re is eerder het schoolvoorbeeld van een
geslaagde revolutie, ook al wordt dat etiket niet op de gebeurtenissen
geplakt, vermoedelijk omdat er geen ideologie aan te pas komt. Kabila is
geen rebel in de normale betekenis van het woord. Het militaire en
propagandistische succes van de door lokaal wanbestuur uitgelokte
tribale opstand in het oosten van het land heeft de voormalige
maoiuml;st tot de belangrijkste tegenspeler van het regime in het verre
Kinshasa gemaakt. Nu zal hij moeten tonen of hij de reusachtige
problemen de baas kan worden die dit land sinds de dekolonisatie
teisteren.

Zaiuml;res hoofdprobleem was intussen niet zijn uitgestrektheid. Het
waren vooral zijn rijkdommen die het na het vertrek van de Belgische
kolonisatoren een tijdlang speelbal hebben gemaakt van concurrerende
internationale belangen. Zijn machtsinstinct heeft Mobutu in staat
gesteld zijn rivalen, de een na de ander, uit te schakelen, een poos de
samenhang van het land te bewaren en zijn beschermheren voor zijn
persoonlijk belang te spannen. Eerst waren het de Amerikanen, later de
Fransen die de dictator meenden te kunnen bespelen, maar die al gauw
ontdekten vooral naar zijn pijpen te dansen. Nu strijden zij, nog niet
al te openlijk, om de gunst van de nieuwe clieuml;nt&egrave;le, daarbij
gesecondeerd door een ambitieus Zuid-Afrika. Mobutu's halsstarrige
weigering om de werkelijkheid onder ogen te zien, moet uit dit verleden
worden verklaard.



DE INTERNATIONALE bemoeienis heeft de Zaiuml;rezen tot dusver geen
reden tot vreugde gegeven. Opnieuw ervaren zij die als een rem op wat
zij zien als een onvermijdelijke sanering van hun kommervolle
omstandigheden. Maar de internationale gemeenschap kan het bemiddelen
niet laten. Voor het land belooft dat weinig goeds.










