Shell expandeert in opwekking stroom
Door een onzer redacteuren 
ROTTERDAM, 8 JAN. Oliemaatschappij Shell gaat
haar werkterrein verbreden met de opwekking van elektriciteit. Binnen
enkele jaren wil het concern deelnemingen in vier tot vijf grote
stroomcentrales. Op wat langere duur moet de elektriciteitsopwekking
,,een aanzienlijke omvang'' krijgen binnen de groepsactiviteiten. Shell
heeft hiervoor een projectbureau opgericht en onderhandelt al over
centrales in de Filippijnen, Peru en Turkije.
Dit zegt M. van den Bergh, lid van het Comiteacute; van
groepsdirecteuren van de Nederlands-Britse oliemaatschappij in het
personeelsblad Shell Venster. De nieuwe activiteit kan de afzet
versterken van aardgas en steenkool die door Shell zelf worden
geproduceerd, aldus Van den Bergh. ,,En het betekent een stroomstoot
voor de Groepsambities om te groeien in zowel omzet als rendement.
Bovendien is het goed voor de interne motivatie na onze reorganisatie.
Zo kun je laten zien dat je onveranderd ondernemend wilt zijn en
risico's durft te lopen.''
De ervaring van Shell in grootschalig projectmanagement, en de
beschikbaarheid van voldoende kasgeld om snel te kunnen beslissen,
ondersteunen deze nieuwe ambities, zo blijkt uit de publicatie in Shell
Venster. Investeren in stroomproduktie hangt samen met het proces van
privatisering en deregulering in de elektriciteitssector, die in veel
landen tot nu toe in handen was van (semi)overheidsbedrijven. ,,Gedreven
door enerzijds de wereldwijde wind van economische verandering en
anderzijds de toenemende behoefte aan kapitaal in tal van snel
ontwikkelende landen openen steeds meer staten de deur voor particuliere
elektriciteitsproducenten.''
Volgens Van den Bergh ligt hier voor Shell een ,,heel logische
aansluiting'' bij bestaande activiteiten. ,,Als blijkt dat wij in deze
sector inderdaad iets substantieels bij te dragen hebben, kan onze
betrokkenheid snel groeien. Dat moet ook wel, anders betekent het in
Groepstermen niets.''
Gezien de grote bedragen die met de bouw en exploitatie van
stroomcentrales gemoeid zijn, en de ,,relatieve
onbekendheid'' van Shell in deze tak van de energiesector, streeft de
Groep niet naar een solo-rol. Een doorsnee centrale met een vermogen van
600 megawatt kost ongeveer 750 miljoen gulden. Van den Bergh: ,,Bij alle
projecten zoeken we naar partners. Daarbij nemen we eventueel ook
genoegen met een minderheidsaandeel in een joint venture.''
Van den Bergh wijst erop dat de vraag naar elektriciteit overal sneller
groeit dan de algemene vraag naar energie. Volgens de huidige prognoses
moet er de komende tien jaar een miljoen megawatt aan het totale
vermogen in de wereld worden toegevoegd. Dat betekent zo'n 1.600
'standaardcentrales' van 600 megawatt extra, bij elkaar een investering
van zo'n 700 miljard dollar. Negentig procent van de wereldgroei in de
aardgas- en kolenproduktie wordt nu al gebruikt voor
elektriciteitsopwekking. ,,Ook van die kant is het voor Shell belangrijk
om dieper te integreren in de bedrijfskolom'', aldus Van den Bergh.
De stroomsector is Shell niet compleet vreemd, al heeft het concern nog
geen belangen in de openbare elektriciteitsvoorziening. Wel beheert het
op tal van plaatsen centrales op raffinaderijen, met een totaal vermogen
van 2.200 megawatt. De grootste (115 MW) staat op het terrein van Shell
Pernis. In de nieuwe plannen gaat het om centrales die zeker vier- tot
vijfmaal zo groot zijn als die op Pernis. Fusies met grote
stroomproducenten zijn nu nog niet aan de orde, zegt de directeur.
Toekomstige partners van Shell moeten kapitaal voor hun deel van de
investering inbrengen, maar vooral kennis van deze specifieke
bedrijfstak.
